Cycloteam 2018 en sportcommissie van WTC Woerden

Hieronder geef ik een impressie van mijn eerste seizoen als renner bij het Cycloteam.

Medio november 2016 kreeg ik bericht van Jaap Blonk dat het voornemen bestond om een Cycloteam op te richten bij WTC-Woerden. Het sprak mij aan om met jonge(re) renners deel te nemen aan wedstrijden. Om op niveau mee te kunnen doen heb ik materiaal, training en wedstrijdprogramma verbeterd. Ik kon een Giant Propel frame van het Sunweb team kopen en heb dit met aero-onderdelen opgebouwd. Het Quarq cranckstel heeft een cadans- en vermogensmeter. Naast hartslag en snelheid kan ik training en wedstrijden op vermogen en cadans sturen. Door mijn trapfrequentie te verhogen is mijn vermogen verbeterd.

Naar aanleiding van de bijeenkomsten van het Cycloteam heb ik vanaf de Kerst gemotiveerd op de weg getraind en regelmatig op de fiets naar mijn werk in Den Haag gereden. Na deze voorbereiding heb ik met reserve aan de clubtraining en MNC-wedstrijden deelgenomen. Minder in het rood rijden is beter voor de opbouw van de basisconditie. De MNC zorgt voor wedstrijdritme en intensiteit. Vanaf 1 januari tot het begin van de nationale wedstrijden eind maart heb ik circa 3.000 km training nodig. Slechts enkele malen kon ik het afgelopen seizoen met Cycloteam-renners trainen en naar de wedstrijden rijden. In 2017 heb ik onder andere het NK-Tijdrijden Vrije Renners, Alblasserdam, Brasschaat, Lepelstraat, DK-Tijdrijden en DK-Weg gewonnen. Het hele jaar was ik goed. In juni, juli en augustus reed ik super. De helft van de wedstrijden reed ik bij de oudere mannen en de andere helft bij de jongeren. Van de 50 wedstrijden, gereden in 2017, haalde ik 26 keer het podium waarvan 13 keer gewonnen. Door de komst van het Cycloteam werd ik gemotiveerd om mij, in concurrentie met jonge renners, beter voor te bereiden. In de wedstrijden maakte de komst van het Cycloteam weinig verschil. Wellicht kan dat het komend jaar verbeteren.

Gedurende het jaar heb ik wekelijks 350 tot 400 km gefietst. Elke twee weken reed ik een grote trainingsrit. Per jaar fiets ik 17.500 km. Daarvoor zit ik wekelijks gemiddeld 12 uur op de fiets. Dat lijkt veel maar is ongeveer het gemiddelde van de concurrenten die ik in de wedstrijden tegenkom. Tijdens de clubtraining op dinsdagavond en de woensdagavondcompetitie heb ik intensief getraind om het tempo in de wedstrijden aan te kunnen. Gemiddeld neem ik tijdens het wegseizoen deel aan twee nationale wedstrijden per week. Als richtlijn fiets ik, inclusief de wedstrijden, 80% op duurniveau en 20% intensief.

Na afloop van elk wegseizoen besluit ik of en hoe ik doorga met wedstrijden rijden. Mijn voorbereiding op het nieuwe seizoen start op 1 november. Vooral kilometers maken, in de winter en het voorjaar vaak in slechte omstandigheden. In februari komen de meer intensieve trainingen en de MNC-wedstrijden erbij. Sinds augustus 2017 ben ik met vroegpensioen. Niet meer op de fiets naar de baas en een andere dagindeling. Momenteel zoek ik balans in dagindeling, trainingsomvang en eetpatroon. Het afgelopen jaar ben ik in april begonnen met koersen bij de sportklasse en de oudere categorieën. In mei ben ik meer amateurwedstrijden gaan rijden. Bij deze wedstrijden had ik in het begin moeite om mij voorin te handhaven. Bij de oudere categorieën en de sportklasse is het positie kiezen in het peloton en de manier van bochten nemen gezapiger. Om volgend jaar beter voorbereid te zijn neem ik in 2018 een amateurlicentie en begin ik gelijk bij de amateurs te rijden. In het (nieuwe) beleid van de KNWU is de Sportklasse bedoeld voor renners die beginnen met de wedstrijdsport en voor oudere renners. Ik voel mij geen beginner en ook geen oudere renner. Ik neem graag deel aan wedstrijden die aansluiten bij mijn niveau. In mijn planning neem ik naast de Nederlandse wedstrijden ook de wedstrijden in St. Johann in Tirol en het UCI-WK in Varese op. Om daar mee te doen moet ik mij kwalificeren in een UCI granfondo. Daarvoor heb ik een granfondo in St. Tropez en Luxemburg op het oog. Voor deze wedstrijden wil ik mijn gewicht reduceren. In februari, maart en april probeer ik regelmatig in de Eifel te trainen en zal ik menig ritje naar de Posbank maken. Alles afhankelijk van de weersomstandigheden. Voor het overige ga ik verder waar ik in september 2017 was gebleven. Dat lijkt ambitieus genoeg.

Barend Verhagen, voor het algemene gedeelte namens de sportcommissie.